maandag 7 september 2015

Zaterdag brachten we het water van de omgeving in kaart


beken bleken goed te volgen
naar waar ze hebben leren bochten

we gooiden wat van de waterval in naam der wetenschap

met watervaste stift tekenden we
onder het gewicht van onze voeten
betrouwbaar bevonden stenen op
vanaf waar het water reikt
tot net onder de knieschijf

we maakten melding van de plaatsen
waarvandaan men raden kan 
dat ons huis ongeveer daar
van plaatsen waar de lucht verschijnt
van plaatsen waar de grond verdwijnt

het verlies van gevoel in tenen en kleine vingers
ontsnapte niet aan onze aandacht

we paden het bos op onze weg terug
en spraken van water tot we verdronken
in plannen voor volgende week

maandag 31 augustus 2015

de enige relevante vraag


wie ik ben is niet belangrijk
het is als een jas jas jas

waar het om gaat is 
dat ik hier sta

zolang ik op deze plek sta
is er geen ruimte voor een ander 
op de grond die ik bestrijk
en in de lucht die mijn jas vult boven mijn voeten

hier sta ik en
de vraag is:
wat nu?

dit is de enige relevante vraag vraag vraag
die bestaat

zondag 17 mei 2015

De wind

Norberto zegt: "Dit is de wind die daken van huizen blaast." De wind schudt onze handen, onze armen, ons hoofd. Verspreidt de koeien over de heuvels.
Norberto kent de wind die daken van huizen blaast goed, ze wonen hier samen al jaren.

De wind die daken van huizen blaast klopt ´s nachts op onze luiken, opent onze ramen. De witte herder op de veranda kan blaffen wat hij wil, de wind komt binnen en doet alsof hij thuis is.
"Zo," zegt de wind en neemt een stoel, gooit hem uit het raam. Wij klampen ons aan onze klamboe vast en vragen ons af wie er op bezoek is bij wie. We kijken de witte herder na die in het maanlicht over de boomtoppen buitelt.

vrijdag 15 mei 2015

De waterval


Eén van onze eerste dagen zochten we de waterval. Het oerwoud zou hindernissen uitzetten, daar twijfelden wij niet aan. Wij kennen het oerwoud nog niet zo lang maar langer dan vandaag.

We vertrokken in de vroegte, vlak na de zesuursvogel. We hoorden het water vallen, renden zo snel onze slippers ons konden dragen in de richting van het geluid, maar het bos was ons voor, kwam met de ene onbegaanbaarheid na de andere op de proppen. Met onze handoekken, kapmessen en witte herdershonden hebben we ons een weg gebaand door de puntige voorwerpen die het bos voor ons had uitgestald. We hebben afscheid moeten nemen van een linkerslipper en ons jongste kind. De hond werd verwond. Evenwicht verloren.

Wij vielen allemaal die dag, bij bosjes, stuk voor stuk, maar het water dat wij vonden stond fier overeind, zwaaide naar ons tussen de omvallende bomen door.

zaterdag 17 januari 2015

De belangrijke dingen des levens.


Met iedere bloempot die gevuld wordt wordt de aarde kleiner.
Er zijn maar zo en zoveel bloempotten die ongestraft te vullen zijn.

Ooit breekt er een dag aan, een dag zoals ook deze dag een dag is, dat men de potten nergens kwijt kan. Die dag is het Kantelpunt.

Zo zal het gaan:
Iemand zal zeggen: "Ik heb er weer één vol..!"
De pot trots voor zich uithouden met gestrekte armen.
Om zich heen kijken, zich door de plantenbakken een weg banen over de inmiddels kleine aarde tot het hem zwaar te moede wordt. Uiteindelijk zal de persoon op de dichtstbijzijnde bloempot plaatsnemen, zijn versgevulde aardewerk op schoot, met zijn nagels krasgeluiden maken op de ongeglazuurde bodem, zich realiseren dat hij nooit heeft geweten dat dat ook nog kon.

Is er iemand die de tel bij houdt? Zijn we er al bijna? 

Het protocol is als volgt:
raakt de aarde op dan wordt er als vanzelf een blikje met mens erin afgeschoten naar een andere planeet. We geven hem wat bloempotten mee, een schepje en wat zaaigoed.
Is deze mens er bijna, ziet hij de planeet in de lucht hangen.
"Dat is gewoon een klont aarde," denkt hij, "die kan in een pot gestopt."

En aldus geschiedt.

Niemand houdt de tel bij.
Nooit, nooit is er ook maar iemand die de tel bij houdt van de belangrijke dingen des levens.