dinsdag 27 juni 2017

Eetbaar Landschap


Geschreven voor het tuinnummer van Vlaams literair tijdschrift Gierik & NVT, lente 2017. 


1.

Afgelopen jaar hadden we een rij peentjes bedacht tussen de glansmispel en het lampenpoetsersgras, mijn tuin en ik.
Mijn tuin had van de autoriteiten begrepen dat eetbare tuinen het ding zouden zijn en omdat ik van mijn tuin houd en hem graag steun in zijn ambities tikte ik bij de lokale supermarkt de nodige zakjes zaaigoed op de kop. Ik was in een overmoedige bui en schafte naast peentjeszaaigoed ook paarse broccoli- en cherrytomaatjeszaad aan.

Ik dus zaaien. Mijn tuin dus groeien. Ik wieden. Mijn tuin iets doen met het bodemleven. Ik met water in de weer, mijn tuin met bestuiving. We waren er maar druk mee, met wachten.
Mijn tuin was een en al anticipatie. Hij kon niet wachten tot zijn transformatie van ordinaire siertuin tot Eetbaar Landschap (zoals hij het noemde) compleet was.

Het kwam op. Alles kwam op. Mijn tuin was helemaal buiten de perken.
Toen het bladgroen van de wortels de op de verpakking vermeldde 22 centimeter had bereikt, legde ik mijn liniaal naast me neer en trok ik een wortel uit de grond. De tuin wachtte in stille spanning onder mijn voetzolen. De wortel uit de grond getrokken hebbende, kon ik er echter niet omheen dat het geen wortel was maar een kleine oranje tweezitsbank met wortelsmaak. De gehele rij penen bleek uit tweezitsbanken te bestaan.



2.

Mijn tuin was ontroostbaar. Zijn beukenhaag verdorde binnen een week en de kikkers en salamanders uit de vijver zochten hun heil bij de buren op de hoek, waar het water een paar graden warmer was.
Om mijn tuin op te vrolijken at ik alle tweezitsbanken op en overdreef ik de smakelijkheid ervan. Ze lieten een eigenaardige smaak in mijn mond na.

Kort daarna diende de broccoli zich aan. Het was een fiasco: al toen het kleine plantjes waren vingen ze het signaal van de lokale radio op. Toen ze groter werden begonnen ze hun eigen piratenzender, waarmee ze ook na de oogst bleven uitzenden. Toen ik mijn broccoliquiche uit de oven haalde zond hij nog zwakjes de vlieger van Hazes uit. Het was nauwelijks te horen, maar ik kreeg het niet weg. Erover liegen leek me zinloos.
Over de cherrytomaatjes wilde ik het niet hebben. Maar als er ooit iets duidelijk werd op Gods' groene aarde dan dit: de oogst was mislukt.

Mijn tuin ging een donkere periode in.
De onzekerheid die het voedingsdrama tot gevolg had gehad, uitte zich in verdere groeistoornissen. Het gras groeide horizontaal en aan het eind van het seizoen kleurde het beetje bladgroen dat zich staande had weten te houden violet alvorens naar benee te dwarrelen.
Ik zei er niets van.

Houd je ook van me als ik niet eetbaar ben? vroeg mijn tuin me regelmatig.
Hij sprak veel over grind in deze periode.
Ik hield de moed erin. Floot wijsjes bij het schoffelen, probeerde hem op te fleuren met een fris insectenhotel en snoeide liefdevol zijn dorre hagen.
Enkele van zijn mindere kanten profiteerden van zijn depressie. En dan kijk ik met name de Japanse duizendknoop en de wederik aan. Ik heb ze uitgezet.



3.

Nu het voorjaar in zicht is lijkt mijn tuin zich te herstellen. In de winter is hij even weg geweest en dat heeft hem goed gedaan. Hij is weer voorzichtig begonnen met groeien. De sneeuwklokjes zijn aan de kleine kant, maar daar hoor je mij niet over. We hebben het geen van beiden over Eetbare Landschappen, als we over de toekomst praten, praten we slechts over bollen en vaste planten.

Een tuin brengt veel zorg met zich mee. Als ik dat van tevoren geweten had was ik er misschien niet aan begonnen. Het is niet makkelijk, er is altijd de angst dat het fout gaat. Dat je hem niet meer in de hand hebt. Dat hij verwildert. Maar je krijgt er zoveel voor terug. Ik heb mijn tuin lief en heb het beste met hem voor.

Als ontwikkelde levensvorm zijnde respecteer ik hem als was hij precies zoals ik.
Dat heet beschaving.





vrijdag 24 maart 2017

Consequenties van leven onderwater.

De aantrekkingskracht van leven onderwater is groot en wijdverbreid. En dat is niet voor niets.
Het uitzicht is er prachtig en wijds. Zij die wel eens een zonsondergang onder water zagen weten dat deze zijn weerga niet kent. De stilte overweldigend, de zwaartekracht minder en daarmee pijnlijke voeten en spataderen ook.
 Je komt eindelijk eens toe aan jezelf.
Onder water komt iedereen toe aan zichzelf.

Maar als God had gewilt dat de mensen onderwater leefden, had hij ze wel vinnen en schubben gegeven, geen verschrompelend perzikhuidje. Sta dus stil bij de nadelen. Want die zijn er evengoed, zoals dat dikwijls bij voordelen het geval is.

Zo is het lastig je de plaatselijke cultuur eigen te maken. Het is een gesloten, lastig doordringbare gemeenschap met vele implicite regels en omgangsvormen. Het is bovendien erg moeilijk je verstaanbaar te maken, en omdat de anatomie van de bewoners onderwater afwijkt van de onze, stuit je bij gebarentaal eveneens op problemen.

De krant wordt zelden op tijd bezorgd, en is dan nog vaak onleesbaar. Dit geldt ook voor de rest van je post. Internetbereik is er nauwelijks, een digitale krant ontvangen per email kun je vergeten.

Daarbij is het openbaar vervoer er lang niet zo goed geregeld als hier. 
De auto is niet tegen het klimaat bestand en start vaak niet. In de winter koelt het erg af. De werkgelegenheid is er laag. Bij langdurig verblijf doet de zorgverzekeraar vaak moeilijk.

Wat veel mensen zich ook niet realiseren is dit: als je onderwater ben ben je onderwater. Je doet er goed aan je leven boven water volledig achter je te laten, alle banden te doorbreken.
Vrienden, met name mensen uit randstad die nu om de haverklap met je willen koffie-en, kroegen, thee-en, even gewoon gezellig bijpraten want al zo lang niet gezien en nu zijn ze zwanger en in verwachting en hebben honderd nieuwe banen en bovendien verwachten ze gezinsuitbreiding en een verhuizing en griep, die vrienden, komen zelden op bezoek.

Prima als je gaat, leuk voor je, moet je helemaal zelf weten, maar ik spreek uit ervaring en ik weet nog niet of ik langs kom en zeg niet dat ik je niet gewaarschuwd heb.


vrijdag 10 februari 2017

Bergwandeling.


The green mountains are always walking.

"(...) You should examine in detail this quality of the mountains walking. Mountains' walking is just like human walking.

Accordingly, do not doubt mountains' walking even though it does not look the same as human walking."

- a fragment of the "Mountains and Waters Sutra", by Eihei Dogen Zenji, 1240.




 



donderdag 5 januari 2017

Het strekt zich.

The fabric of the universe. It really ties the room together.